Helaas, het is te lang geleden
Reacties op mijn post over seksueel grensoverschrijdend gedrag
Mijn vorige post Seksueel grensoverschrijdend gedrag maakt veel los. Hij heeft inmiddels een record aantal views (55.000), is honderden keren geliked en gedeeld. Ik ontvang veel persoonlijke reacties van vrouwen én mannen - en niet alleen uit de televisiewereld, ook uit andere vakgebieden.
Wat vooral duidelijk wordt: seksueel grensoverschrijdend gedrag is nog steeds een groot probleem. De reacties laten zien hoe we als samenleving omgaan met dergelijke verhalen. Hoe organisaties zich opstellen. Wie we geloven. Wat we willen horen.
Herkenning
Uit de reacties van vrouwen blijkt dat mijn ervaringen - helaas zoals verwacht - niet uniek zijn: ‘(…) weet je gesteund door andere vrouwen die dit soort dingen hebben meegemaakt (onder wie ik)’, mailt iemand. Een jonge vrouw schrijft: ‘Ik heb het gelezen, echt pijnlijk en mooi geschreven, en zo heftig. En helaas herkenbaar. Eigenlijk alles’. Een dame van vierenzeventig schrijft dat ze werd lastiggevallen door de dominee, op de middelbare school, en door een kennis van haar ouders: ‘Allen konden hun handen niet thuishouden en ook ik bevroor!’ Iemand stuurt: ‘Een diepe buiging voor je blogpost. Voor het feit dat je de moed hebt zulke ingrijpende privé-ervaringen te delen omdat het een maatschappelijk misstand betreft. Ik doe het je niet na.’
Veel vrouwen blijken het ontzettend moeilijk vinden om de dader van repliek te dienen, erover te praten en aan de bel te trekken. Ze bedanken me dat ik ‘woorden geef aan wat zóveel vrouwen (en ook mannen) nog steeds niet durven of kunnen benoemen’.
Het woord ‘dapper’ valt vaak, een mooi compliment maar tegelijk ook wrang en pijnlijk. Kennelijk is er moed voor nodig en moet je dapper zijn om je verhaal te durven vertellen. Voor mij is dat inmiddels minder ingrijpend omdat ik niets te verliezen heb - daarover zal ik nog schrijven. Doordat veel vrouwen zwijgen, weten we niet hoe groot en structureel dit probleem nog steeds is.
Wat mij schokt is dat een aantal vrouwen vertelt dat ze dezelfde ervaringen hebben als ik, met dezelfde mannen. De gebeurtenissen vonden al voor mij plaats, en zijn na mij doorgegaan. Naar aanleiding van mijn stuk hebben meerdere vrouwen contact met mij gezocht en verteld dat zij op een vergelijkbare manier zijn lastiggevallen en gestalkt door de financieel directeur.
Reacties van mannen
Ik kreeg verrassend veel reacties van mannen. Mijn post ‘laat zien hoe dergelijke mannen te werk gaan en onder welke druk je stond.’ Een oud DWDD-collega schrijft: ‘Wat jij wat mij betreft nu zo goed hebt bereikt, is dat je ons mannen een kans hebt gegeven ons te verplaatsen in vrouwen’.
Veel mannen schamen zich, zoals een oud-DWDD collega schrijft: ‘(…) voor het trage tempo waarin wij als mannen naar basaal niveau van medemenselijkheid, empathie en zelfinzicht kruipen. Het is zo schadelijk en om hopeloos van te worden’. Een bekende van mij appt: ‘Ik schaam me diep voor al die kerels’ en een DWDD-er: ‘Woede. Dat voel ik na dit stuk’. Een oud-collega van de AVRO stuurt: ‘Ben er beroerd van’. Een oud-collega van BNNVARA steekt me een hart onder de riem ‘Wat een horror, die laatste nieuwsbrief. Wilde je even sterkte wensen (…)’. En nog een oud-collega: ‘Ben ff stil van je stuk. Wat een klootzak’. Een onbekende schrijft: ‘Dapper, moedig, maar ook een triest relaas van het ongepaste gedrag van mijn mede soortgenoten’.
Ik kreeg een uitgebreide mail van een lezer die schrijft: ‘Wij mannen en wij witte mannen beseffen niet hoe ongelijk persoonlijke vrijheid en ontwikkelkansen zijn verdeeld, hoe hard het glazen plafond is, en hoe we al op jonge leeftijd de manier van kijken naar vrouwen, naar niet witte mensen overnemen, zonder stil te staan bij de absurditeit en scheefheid van hoe wij kijken en oordelen’. Een zestiger stuurt me een mailtje: ‘Met veel belangstelling, verbazing en vooral walging over de opdringerige masculiene seksistische mannetjes lees ik uw blog. (…)Wat een vrouw onvriendelijke samenleving zijn we nog steeds, en steeds meer’. Hij sluit af met ‘Gelukkig zijn de Dolle Mina’s sinds kort ook weer aktief, jammer dat dat nodig is, dat wel’.
Deze reacties geven hoop. Ze laten zien dat meer inzicht en begrip mogelijk zijn. Dat er mannen zijn die willen leren. Dat verandering kan plaatsvinden.
‘MeToo is volstrekt over zijn hoogtepunt’
Naast herkenning, bijval en het begrip kwamen er ook andere reacties, soms minstens zo opmerkelijk.
In de podcast De X! Factor bespreken (tv)journalist en oud-netcoördinator van Nederland 1 en 2, Ton F. van Dijk en publicist en psychiater Esther van Fenema de reuring op X. Deze podcast is geen factor van belang in de mediawereld en Ton F. van Dijk is geen hoofdrolspeler. Toch sta ik stil bij wat hij beweert omdat zijn ‘analyse’ exemplarisch is voor hoe mensen, en vooral mannen, reageren als het om seksueel grensoverschrijdend gedrag gaat.
Van Dijk vindt dat er weinig ophef is over mijn stuk. Dat komt volgens hem omdat de financieel directeur ‘alleen heeft laten merken in bepaalde appjes of berichten dat hij haar misschien wel aardig vond of zo’. Hij stelt dat ik niet gedwongen ben tot seksuele handelingen en dat de directeur mij niet heeft aangeraakt.
Hij heeft kennelijk niet goed gelezen. Of hij wilde niet zien wat er stond. In mijn stuk beschrijf ik uitgebreid hoe de directeur mij maanden stalkte, dat hij mij vastpakte bij het afscheid en probeerde te zoenen. Hoe hij ongevraagd columns uit mijn naam schreef. En mailde: ‘Je krijgt het, of je het wilt of niet’.

Maar dat paste niet in het verhaal dat Van Dijk wilde vertellen. En dus werd mijn verhaal herschreven. Tot ‘berichtjes’ van een onbeholpen man die me ‘aardig vond.’ Niets ernstigs, niets seksueels.
Hij draait het in de podcast zelfs om: hij zegt dat hij het gevoel heeft dat ik iemand moedwillig aan het ‘beschadigen’ ben en vindt dat ik het wat ‘abstracter’ had moeten opschrijven. Volgens hem ‘ontbreekt elke vorm van wederhoor’. Wat ik in mijn vorige post al beschreef, gebeurt hier: zodra je iemand aanspreekt op zijn grensoverschrijdende gedrag, loop je de kans zelf als dader te worden neergezet. Nu ik benoem wat een man met mij heeft gedaan, ben ik degene die hem beschadigt.
Maar het meest idiote wat Van Dijk zegt is: ‘MeToo is natuurlijk volstrekt over zijn hoogtepunt heen.’ Er is een soort moeheid, concludeert hij: ‘we zijn wel klaar met anonieme beschuldigingen. Als je een paar jaar geleden alleen maar naar iemand wees, dan werd hij al ontslagen en gecanceld’.
‘MeToo-moe'. Alsof structureel grensoverschrijdend gedrag vermoeiend is voor mensen die het niet meemaken. ‘Moe’ zijn in dit geval is een voorrecht. Slachtoffers kunnen niet ‘moe’ zijn van hun ervaringen. Sterker nog, veel vrouwen zijn altijd alert en op hun hoede.
Hij uit toch ook nog wel zijn zorgen, heeft ‘het gevoel dat er allerlei bobo’s aan touwtjes zitten, die dit wel een beetje downplayen.’
Dat gevoel heb ik ook. Maar wat Van Dijk niet ziet is dat hij er zelf aan mee doet door mijn verhaal te bagatelliseren en te zeggen dat we ‘MeToo-moe’ zijn. Door niet te willen zien wat er werkelijk staat en te begrijpen wat er echt aan de hand is. En door de rollen om te draaien: ik beschadig iemand.
‘Sommige mannen hebben een enorm bord voor hun hoofd’
De avond van de publicatie werd kort aandacht aan mijn post besteed in Vandaag Inside, een programma dat niet bekend staat om zijn vrouwvriendelijkheid en ook over mij meestal in scheldwoorden praat.
Ze hadden het artikel gelezen. Ze vonden het een ‘spectaculair' en ‘indrukwekkend’ stuk en constateerden ‘dat het niet een bepaald veilige omgeving is geweest.’ Ze geloofden me wel: ‘Apps en mails en zo, die drukt ze gewoon af. Ze heeft dus bewijs erbij’. Ze zagen het probleem: ‘Sommige mannen hebben toch wel een enorm bord voor hun kop.’
Toen kwam het onvermijdelijke en voorspelbare. Johan Derksen zei: ‘Maar het heeft natuurlijk te maken met het feit dat zij de wind van voren had. Echt een kutwijf eerste klas.’
Hij trok de conclusie: ‘Maar dan is eigenlijk Matthijs om peanuts weggestuurd’. De financieel directeur zat er nog.
De volgende avond was mijn post wederom een onderwerp bij Vandaag Inside. Mediadeskundige Tina Nijkamp vertelde dat ze die dag contact met de woordvoerder van BNNVARA had gezocht. Ze wilde weten wat de omroep met mijn verhaal ging doen. ‘Niks’, had hij tegen Nijkamp gezegd, ‘want het is al lang geleden’. Of de omroep mij dan niet even ging bellen, vroeg ze hem. Daar bleek niet over te zijn nagedacht.
BNNVARA
Dit verbaasde mij niet. Ik ben na de publicatie in de Volkskrant over DWDD niet door BNNVARA benaderd, ook niet na het verschijnen van het rapport van de Commissie van Rijn. Terwijl er genoeg aanleidingen waren om mij uit te nodigen.
Na de uitzending van Vandaag Inside namen BNNVARA directeur Suzanne Kunzeler en mede-directeur Lonneke van der Zee wel contact met mij op, hun assistent stond op mijn voicemail. Nu was het opeens niet ‘te lang geleden’. De reden die ze aanvoerden: mijn artikel bevatte voor hen ‘nieuwe informatie’.
Dat is onmogelijk. Alles wat ik schreef, heb ik al jaren eerder gemeld – bij directeur Frans Klein, Matthijs, Personeelszaken, collega’s. Het staat ook allemaal in het rapport van de Commissie Van Rijn.
Het kon maar één ding betekenen: de ophef die mijn artikel veroorzaakte, zorgde voor een publicitair brandje dat een bedreiging vormt voor de reputatie van de omroep. Hier moest gauw een blusdeken overheen worden gegooid.
Toen afgelopen jaar het rapport van de Commissie van Rijn verscheen, was BNNVARA directeur Kunzeler uitgebreid in de media. Ze zei tegen de Volkskrant ‘Ik neem het leidinggevenden kwalijk dat er is weggekeken van dit grensoverschrijdend gedrag’. En ‘als iemand bij jou aan tafel komt en zegt: ik voel me hier niet prettig bij, dan moet je handelen. Niet handelen is geen optie.’
Bij Sophie & Jeroen voegde ze toe: ‘We wisten van intimidatie, manipulatie en ander lelijk grensoverschrijdend gedrag. Als iemand dit aan je openbaart, dan vind ik ook dat je dat heel serieus moet nemen.’
In mijn vorige post schreef ik over de kwetsbaarheid van vrouwelijke leidinggevenden. Als hoofdredacteur stond ik er vaak alleen voor, ook al trok ik veelvuldig aan de bel. Dat gevoel is gebleven in de nasleep van DWDD. De omroep heeft nooit geïnformeerd hoe ik mijn tijd als eind- en hoofdredacteur bij BNNVARA heb beleefd. Als (oud)leidinggevende val ik kennelijk in een aparte categorie.
Toen ik een paar weken geleden aan de omroep vroeg waarom er zo weinig meer online staat van DWDD, ook de documentaire over het programma is verdwenen, leek men DWDD het liefst helemaal te willen vergeten. De documentaire is weg ‘om medewerkers te beschermen’, was het antwoord.
Tot slot
Naar aanleiding van mijn Substack wordt regelmatig de vraag gesteld waarom ik nu mijn verhaal vertel. Zo ook na de post over seksueel grensoverschrijdend gedrag. Al eerder schreef ik:
Omdat ik na al die jaren de afstand heb om te begrijpen wat er werkelijk gebeurd is. En omdat ik geloof dat mijn ervaringen nuttig zijn voor anderen die in vergelijkbare situaties terechtkomen - vooral vrouwen in leidinggevende posities die klem komen te zitten tussen onmogelijke verwachtingen. Juíst nu dus.
Uit de reacties blijkt dat het belangrijk is om dit soort ervaringen te delen. We zijn er nog lang niet. BNNVARA, die volgens hun eigen mission statement zaken graag uit de doofpot haalt, stopt ze er net zo lief weer in. ‘Te lang geleden’, klinkt het dan.
Hoe moet het verder? Iemand mailde mij treffend: ‘Ik kom op basis van je blog steeds meer tot de conclusie dat het tijd is ruimte te maken voor een nieuwe generatie’. Daar ben ik het mee eens, er is een veel grotere verandering nodig. Tot die tijd moeten we dit verhaal blijven vertellen.
Disclaimer:
Je Mist Meer Dan Je Ziet bevat persoonlijke ervaringen en meningen. Namen en details zijn aangepast om privacy te beschermen. Dit is geen feitelijke weergave van gebeurtenissen, maar een persoonlijk verslag dat bijdraagt aan inzichten in, en het debat over werkcultuur in de media.


